vtt








Lieve Karin,
Ik ben even weg. Mijn broer Piet belde.
Hij had een probleem met zijn computer.
Hij vroeg of ik even wil komen helpen.
Ik kom vanmiddag ongeveer om 5 uur weer thuis.
Wil jij de boodschappen halen ? We hebben brood nodig.
Je moet ook 1 liter melk kopen.
Tot straks,

Pieter




boods