Ik ben 18 jaar. Ik __________ me in bij een woningbouwvereniging.
Ik ben _________ van een woningbouwvereniging.
Ik kijk in de woonkrant. Ik _________ op 3 woningen.
Ik krijg geen __________ . Ik moet 8 jaar wachten op mijn beurt.
Na 8 jaar wachten ben ik aan de ________ .
Ik kom in __________ voor een flat met 3 kamers.
Ik __________ een woning bij een woningbouwvereniging.
Ik betaal iedere maand € 400 __________ .
De huur ________ ik iedere maand automatisch.
Het dak lekt. De ketel is kapot.
Ik heb een _________ .
De monteur komt.
Hij __________ het dak en de ketel.
Na 10 jaar verhuis ik naar een andere stad.
Ik moet de huur nu ___________ .