
Kies het goede antwoord.
Weet jij ________________ hij woonde ?
Ja hoor. Hij woonde in Harlingen in Friesland.
Weet u in ________________ jaar hij is geboren ?
Dat is 1957.
________________ eindigt de vakantie ?
Ik weet het niet zeker. Ik denk volgende week.
________________ loopt daar ?
Dat is mijn docente.
Met ________________ heb jij morgen een afspraak ?
Met de tandarts.
Weet u ________________ zijn geboortedatum is ?
14 – 10 - 1957.
Weet je ________________ een kilo appels kost ?
Dat is 1 euro 39.
________________ kinderen heeft de docent ?
2 of 3 of 4.
Ik weet het niet zeker.