vtt

Kies de goede vorm van het werkwoord.

Weet je niet hoe je het werkwoord schrijven moet ? Druk dan op het vraagteken.
Ben je klaar? Druk dan op de knop "controleren".

Wil je hulp? Druk dan op de knop "hulp".
Je krijgt dan een extra letter.

1. denken Wat jij ?

Gaat het vandaag regenen?

denken
2. kopen Hij zijn boodschappen altijd in de supermarkt.  
 3. liggen Waarom hij nog in bed?

Het is al heel laat.

 
4. staan Ik vandaag vroeg op, want ik moet naar de tandarts.  
5. komen Ze vandaag niet, want ze is ziek.  
6. zwemmen Ik heel graag in zee.   zwemmen
7. schreeuwen Waarom hij zo?   schreeuwen
8. worden Hij altijd rood als hij te lang in de zon .  
9. betalen Als jij de taxi betaalt, ik de trein.  
10. zoeken Pardon meneer, bent u hier bekend? Ik het postkantoor. zoeken
11. willen Meneer, u ook iets drinken?  
12. wandelen Mijn vrouw 's avonds graag in het park. wandelen