|
1. Die mensen
vijf kinderen: drie jongens en twee meisjes.
2. Wat
je nou weer te mopperen?
3. Kijk, dat meisje
een heel mooie jurk aan!
4. Ik
vandaag echt geen tijd. Sorry hoor!
5. Bijna iedereen
tegenwoordig een telefoon.
6. Waarom
jullie nooit geld bij je?
7. Op dit model
u drie jaar garantie.
8. We
gisteren een nieuwe mobiele telefoon gekocht.
9. Je
gelijk. Ik vergis me.
10. Deze auto
nieuwe remmen en een nieuwe motor.
|